3 november 2015: Moties aangenomen over leerrecht, maatwerkdiploma, op- en doorstroom

Geplaatst 8 nov. 2015 02:20 door AutiPassend Onderwijs Utrecht   [ 2 dec. 2015 22:18 bijgewerkt ]
Bij de behandeling van de Onderwijsbegroting 2016 in de Tweede Kamer zijn vijf moties aangenomen die interessant zijn voor kinderen met autisme en havo/vwo-niveau. De regering wordt verzocht om te onderzoeken hoe leerrecht in de wet verankerd kan worden, toe te staan dat leerlingen vakken op verschillende niveaus volgen én afronden met een maatwerkdiploma, en overstappen naar een hoger niveau te bevorderen.
Alle moties en welke partijen voor en tegen stemden zijn te vinden bij de Stemmingsuitslag van de moties ingediend bij de Onderwijsbegroting 2016. Let op: een motie is een verzoek aan de regering, dat betekent niet per definitie dat de regering het ook opvolgt. Het is wel een belangrijk signaal waar een meerderheid van de Tweede Kamer achter staat (als de motie is aangenomen).

Onderzoek naar leerrecht

Misschien wel de belangrijkste is de motie om te onderzoeken hoe een verankering van leerrecht in de wetgeving van het basisonderwijs en voortgezet onderwijs mogelijk is. Motie nr. 47 van Paul van Meenen (D66) c.s. verzoekt de regering het Nederlands Centrum voor Onderwijsrecht te vragen nader onderzoek te doen naar de vraag welke onderdelen in de opzet en inhoud van de Nederlandse wet- en regelgeving realisering van de kernelementen van leerrecht belemmeren en hoe een verankering van leerrecht in de wetgeving van het funderend onderwijs* mogelijk is.
(*funderend onderwijs = basisonderwijs + voortgezet onderwijs)

Waarom is dit relevant voor leerlingen met autisme? De huidige wet bestaat alleen uit een Leerplicht (elk kind is verplicht om voltijds naar een schoolgebouw te gaan). Sommige kinderen met autisme kunnen niet (voltijds) naar school omdat dat te veel prikkels geeft, of omdat er geen school in de omgeving is die hen onderwijs op maat kan bieden. In dat geval krijgt zo'n leerling vaak vrijstelling van de leerplicht (zodat de ouders niet vervolgd hoeven te worden), maar dan is er ook geen budget meer voor onderwijs, alleen een lager budget voor dagbesteding. Er kan dus ook voor thuis geen onderwijsmateriaal of afstandsonderwijs worden aangeschaft, ook al is de leerling prima in staat om te leren.

Joke Sperling geeft in het artikel De Kinderombudsman en het recht op onderwijs (2013) goed aan hoe de huidige Leerplichtwet een obstakel is voor het recht op onderwijs. Het recht op onderwijs is verankerd in internationale verdragen die door Nederland zijn erkend, maar Nederland heeft het nog niet verwerkt in de nationale wetgeving. Dit recht op onderwijs staat hiërarchisch boven de vrijheid van onderwijs van de scholen. Sperling geeft ook aan hoe drie wijzigingen in die wet dat obstakel weg kunnen nemen. De Leerplichtwet eist dat kinderen uitsluitend onderwijs volgen door voltijds en fysiek op de school van inschrijving aanwezig te zijn. Indien dit niet mogelijk is, biedt de Leerplichtwet alleen de mogelijkheid dat het kind helemaal niet meer naar school gaat of dat hij en zijn ouders of verzorgers strafrechtelijk worden vervolgd. Dit zou moeten veranderen.

Vakken en diploma op verschillende niveaus

Een andere motie gaat erover dat leerlingen vakken op verschillende niveaus (bijvoorbeeld havo en vwo) moeten kunnen volgen én afronden met een maatwerkdiploma. De gewijzigde motie nr. 36 van Loes Ypma (PvdA) c.s. verzoekt de regering via een wetswijziging, per komend schooljaar het maatwerkdiploma in het voortgezet onderwijs mogelijk te maken zodat, vooruitlopend op afspraken over doorstroom naar vervolgonderwijs, leerlingen vakken op verschillende niveaus kunnen volgen én afronden met een maatwerkdiploma waarin deze verschillende niveaus tot uitdrukking komen.

Waarom is dit relevant voor leerlingen met autisme en havo/vwo niveau? Deze kinderen hebben vaker dan gemiddeld dat ze heel goed zijn in sommige vakken en minder goed in andere vakken. Het verschil kan zo groot zijn, dat ze in de "goede vakken" examen zouden kunnen doen op vwo-niveau, maar in de minder goede vakken niet verder komen dan vmbo. Onderzoek van SFARI in New York wijst uit dat er onder intelligente kinderen met autisme 2x vaker hoge bèta-intelligentie voorkomt dan bij niet gediagnosticeerde kinderen. Ook komt het regelmatig voor bij kinderen met autisme dat ze goed zijn in talen maar juist moeite hebben met de bèta-vakken als wiskunde.

Op dit moment moet je naar het niveau van je laagste vak en dan krijg je alle vakken op dat niveau. Voor een leerling die sommige vakken veel beter kan dan dat, kan dat heel demotiverend zijn. Zeker leerlingen met autisme, die al zoveel dingen hebben die hen moeilijk afgaan, willen graag laten zien hoe goed ze in bepaalde dingen zijn. Bovendien is het een verspilling van talent! Iemand die extreem goed is in bepaalde vakken kan van grote waarde zijn voor de maatschappij als hij of zij de kans krijgt zich te ontwikkelen in die vakken, ook al gaan andere vakken minder goed.

Risico's van het maatwerkdiploma

De invoering van een maatwerkdiploma kan ook negatieve effecten hebben. Het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS) waarschuwt voor een overhaaste invoering van het maatwerkdiploma, al zijn ze er een groot voorstander van.

De Onderwijsraad adviseert zelfs expliciet tegen het maatwerkdiploma. Zij betogen dat de vervolgopleidingen dan waarschijnlijk hogere toelatingseisen gaan stellen en dat de waarde van het havo-diploma of het vwo-diploma vermindert in de maatschappij. Hun advies vind je hier: Maatwerk binnen wettelijke kaders: eindtoetsing als ijkpunt voor het funderend onderwijs.

Staatssecretaris Sander Dekker heeft besloten dit advies op te volgen: "Iedereen weet nu wat een diploma waard is". Dat is volgens hem niet meer zo als een vwo-leerling een aantal vakken op havo-niveau doet. De vraag is dan bijvoorbeeld of zo'n leerling nog naar de universiteit kan. De staatssecretaris wijst erop dat het al mogelijk is om een paar vakken op een hoger niveau te doen. Hij is daar groot voorstander van. "Dan krijg je daar een extra aantekening van op je diploma. Dat is alleen maar mooi meegenomen." 

Overstappen naar een hoger niveau

Er zijn drie moties aangenomen die te maken hebben met meer mogelijkheden om over te stappen naar een hoger niveau:

Motie nr. 49 van Paul van Meenen (D66) c.s. verzoekt de regering de Onderwijsraad te vragen te onderzoeken hoe we ons onderwijsbestel zo kunnen inrichten, dat gelijke kansen, opstroom*, doorstroom** en maatwerk weer de norm worden in het Nederlands onderwijsbestel.
(*opstroom = halverwege de opleiding naar een hoger niveau gaan, bijvoorbeeld na 2 vmbo-t verder gaan in 3 havo)
(**doorstroom = stapelen, bijvoorbeeld na het vmbo-t-examen verder gaan in 4 havo)

Gewijzigde motie nr. 57 van Rik Grashoff (GroenLinks) c.s. verzoekt de regering consistent beleid te ontwikkelen op het waarborgen van de op- en doorstroom in het onderwijs, en waar mogelijk belemmeringen weg te nemen.

Een eerder aangehouden motie van een voorgaand debat (Doorlopende leerlijnen taal en rekenen) is alsnog aangenomen: motie nr. 53 van Rik Grashoff (GroenLinks) c.s. verzoekt de regering om leerlingen met een vmbo-tl- en vmbo-gl-diploma het recht te geven door te stromen naar het havo.

Waarop is dit belangrijk voor leerlingen met autisme en havo/vwo-niveau? Autisme wordt wel gezien als een vertraagde en een versnelde ontwikkeling tegelijk. De vertraagde ontwikkeling kan liggen op het gebied van schoolse vaardigheden, waardoor het cognitieve talent pas op latere leeftijd tot bloei kan komen. Dan is het fijn als de leerling alsnog kan overstappen naar een hoger niveau. Onderwijs in cijfers publiceerde echter in mei 2015 dat stapelen met name bij vmbo-tl en vmbo-gl (daarna zou je naar de havo moeten kunnen) steeds minder voorkomt in Nederland. Sinds 2012 moeten alle havo-scholen zich wel houden aan de toelatingscode die de VO-Raad heeft opgesteld. De laatstgenoemde motie wil die extra eisen voor de overstap nu wegnemen.

De Onderwijsraad schreef in de samenvatting van haar rapport "Overgangen in het onderwijs" (2014): Een extra reden om de overgangen onder de loep te nemen is dat er signalen zijn dat havo- en vwo-scholen en ook vervolgopleidingen steeds vaker leerlingen selecteren. Enerzijds kan selectie ervoor zorgen dat talenten worden benut doordat leerlingen doorstromen naar een passende plek in het vervolgonderwijs. Anderzijds vormen selectiemechanismen een extra struikelblok voor leerlingen die zich op het overgangsmoment (nog) niet overtuigend kwalificeren voor het gewenste onderwijsniveau (of -segment), maar wel de benodigde capaciteiten hebben. Daarbij zijn er aanwijzingen dat de kwaliteit en standaardisatie van selectieprocessen niet altijd gewaarborgd zijn, waardoor bij overgangen willekeur en kansenongelijkheid ontstaat. Dit zet de toegankelijkheid van het stelsel onder druk.

Ander politiek nieuws over Passend Onderwijs: zie overzicht Landelijke politiek