Nieuws‎ > ‎

Kinderombudsman: zonder aanpassingen gaat Passend Onderwijs nooit lukken

Geplaatst 7 sep. 2015 23:45 door AutiPassend Onderwijs Utrecht   [ 2 dec. 2015 22:52 bijgewerkt ]
 
Op 8 september 2015 kwam de Kinderombudsman met het bericht Passend onderwijs maakt belofte nog niet waar, inclusief uitgebreid rapport. In NRC geeft hij aan ook grote structurele problemen in het onderwijssysteem te zien. “Als het ministerie, de scholen en de samenwerkingsverbanden de knelpunten niet aanpakken, gaat passend onderwijs nooit lukken.” In een NOS-bericht geeft Marc Dullaert aan dat het niet uit te leggen is aan kinderen of hun ouders: "Hun toekomst begint vandaag".

Ouders en kinderen voor wie het onderwijs knelt voelen zich eindelijk gehoord! 

Enkele citaten uit het Kinderombudsman-rapport Werkt passend onderwijs? Stand van zaken een jaar na dato:
  • Ter onderscheiding van de term ‘passend onderwijs’ op basis van de Wet Passend Onderwijs, wordt in dit rapport de invulling van het recht op onderwijs op grond van het IVRK aangeduid met ‘een passende vorm van onderwijs’. (IVRK = Internationale Verdrag voor de Rechten van het Kind)

  • De zorgplicht is niet van toepassing op alle thuiszitters, bijvoorbeeld als het kind een gebrek aan sociale veiligheid op school ervaart of geen passend onderwijsaanbod heeft. In de praktijk wordt ervaren dat niemand zich voor hen verantwoordelijk voelt. Zij vallen dus ondanks de Wet Passend Onderwijs buiten de boot.

  • Volgens de zevende voortgangsrapportage Passend Onderwijs is in 60% van de samenwerkingsverbanden doorzettingsmacht formeel belegd. (Zie ook onze pagina met een samenvatting van de plannen voor een doorzettingsmacht.) Het formeel beleggen van doorzettingsmacht betekent niet dat die in de praktijk ook werkt. Dit wordt vooral toegeschreven aan het feit dat degene met de formele doorzettingsmacht onvoldoende onafhankelijk was en/of feitelijk niet in staat was een oplossing op te leggen aan betrokken scholen en samenwerkingsverbanden. Een percentage van 60% zegt dus niets als het beleggen van doorzettingsmacht (de formele bevoegdheid om een beslissing te nemen) niet ook betekent dat er sprake is van het gezag om een beslissing ook daadwerkelijk te forceren.
  • In de ideale situatie heeft die onafhankelijke derde deskundigheid op het gebied van onderwijs en de bevoegdheid om een kind op een school te plaatsen. Daarbij zouden de belangen van het kind leidend moeten zijn en prevaleren, niet de belangen van school, samenwerkingsverband of ouders. Als praktische tip kreeg de Kinderombudsman mee dat zo'n derde ook moet kunnen beschikken over geld om de plaatsing mogelijk te maken: op die manier kan een school toch bekostiging krijgen voor een kind dat wordt bijgeplaatst na de peildatum van 1 oktober (wanneer bepaald wordt voor hoeveel leerlingen een school financiering krijgt) om de tijd te overbruggen tot de volgende peildatum.

  • De mogelijkheden voor maatwerk volstaan doorgaans voor de lichtere gevallen. Voor een geschikte oplossing in complexe gevallen is het vaak nodig dat er buiten het samenwerkingsverband kan worden gekeken naar mogelijkheden. Die mogelijkheden verhouden zich doorgaans niet met wet- en regelgeving. 
  • Waardevolle alternatieven die in een complexe situatie een laatste oplossing zijn, worden onmogelijk gemaakt door de huidige wet- en regelgeving. Om deze reden zitten kinderen thuis – zonder onderwijs. (Zie ook onze pagina met de stand van zaken rondom onderwijs op een andere locatie.)
  • Artikel 5a van de Leerplichtwet, op grond waarvan een kind kan worden vrijgesteld van de leerplicht, benoemen alle ondervraagden als feitelijk geen oplossing omdat een kind er juist geen onderwijs door krijgt; wel lijkt het soms de enige mogelijkheid om rust te creëren voor een kind. (Zie ook onze pagina Verschillende definities van thuiszitters.)
  • Een professional beschrijft de volgende situatie: “Een kind is hoogbegaafd en heeft autisme. De ouders hebben een geschikte plek gevonden op een particuliere school. Dat kan wettelijk niet en de school en het samenwerkingsverband stellen voor dat het kind naar het speciaal onderwijs gaat. Maar daar past dit kind niet, noch qua IQ noch qua ondersteuningsbehoefte. Het heeft baat bij een kleine rustige groep waarin onderwijs wordt aangeboden dat past bij haar intelligentie. En dat is niet voorhanden binnen het samenwerkingsverband.(Dat is precies ook het probleem in Utrecht, zie ons betoog op de pagina Preventiepiramide: keuzemenu voor scholen.)

  • Ouders ervaren dat het formele beleid, financiële of organisatorische belangen van de school of het samenwerkingsverband soms een doorslaggevende rol spelen. Professionals stellen daar tegenover dat een school ook verantwoordelijk is voor een gezonde bedrijfsvoering en de belangen van de andere kinderen op school. Al met al kan het verkeren dat beslissingen worden genomen zonder dat het individuele kind en zijn of haar mening en wensen centraal staan
  • Het samenwerkingsverband stelt zich soms niet op als gesprekspartner voor de ouder, terwijl het dat (in ieder geval vanaf het moment dat de school geen passend onderwijs kan bieden) wel dient te zijn. 
  • Ouders en kinderen ervaren vervolgens dat zij de beslissing van de school opgelegd krijgen in plaats van dat er nog een gesprek over mogelijk is. Ook geven zij aan dat de school daarbij soms ‘dreigt’ een melding zullen doen bij Veilig Thuis als ouders niet instemmen. (Veilig Thuis is voormalig Algemeen Meldpunt Kindermishandeling)
  • Vanuit scholen en samenwerkingsverbanden is gewezen op de verantwoordelijkheid die ouders hebben in het geheel: zij stellen soms onmogelijke eisen aan de school. Als best practice is aangedragen om al met ouders in gesprek te gaan zonder dat de school of het samenwerkingsverband al een oplossing heeft. Het proces is soms belangrijker is dan de uitkomst, zeker voor de acceptatie door ouders en kind van het uiteindelijke resultaat.
  • Een vader: "De school heeft laten weten dat ze hem geen onderwijs meer kunnen bieden. Er werd letterlijk gezegd: "Uw zoon is niet ons probleem". Dit was een week voor de vakantie. En toen ging de school dicht. Ik kreeg nog een email waarin stond: "We hopen dat uw zoon een passende onderwijsplek heeft na de zomer". Toen ik daar op reageerde, kreeg ik een automatische afwezigheidsmelding: "Tot 24/8 zijn wij niet beschikbaar". En zo gingen we de zomer in."
  • Op het moment dat de leerplichtambtenaar een proces-verbaal wil opmaken of ouders de suggestie doet een vrijstelling op grond van artikel 5a van de Leerplichtwet te vragen, leunen de scholen achterover en doen niets meer.

  • Door alle knelpunten die ervaren worden, geven betrokkenen aan dat er vaak lef nodig is om een kind voor wie onderwijs niet vanzelfsprekend is een passende vorm van onderwijs te geven. En dan blijkt het vaak afhankelijk van de betrokken personen of dat lef er is en het kind centraal blijft staan.
De eerste reactie van het Ministerie van OCW suggereert dat de meeste knelpunten goed zullen komen als de schoolbesturen meer tijd en informatie wordt gegeven. Daarmee worden een aantal van bovenstaande constateringen onvoldoende serieus genomen. Staatssecretaris Dekker van Onderwijs is het niet eens met de kinderombudsman, zegt hij tegenover persbureau ANP, aldus BNR. Verder wijst Dekker erop dat het een tijd zal duren voordat alles helemaal in de praktijk is gebracht.

In hetzelfde BNR-interview zegt de Kinderombudsman: "Als kind wil je naar school en heb je recht op onderwijs. Je kunt niet een jaar wachten. Wat mij betreft is de tijd nu op."

De Kinderombudsman heeft een handreiking opgesteld voor samenwerkingsverbanden en scholen.