Nieuws‎ > ‎

Middelbare scholen Utrecht geven te rooskleurig beeld passend onderwijs

Geplaatst 25 mei 2015 15:18 door AutiPassend Onderwijs Utrecht   [ 11 nov. 2015 07:26 bijgewerkt ]
In mei 2015 publiceerde Sterk VO (samenwerkingsverband van Utrechtse middelbare scholen) haar jaarverslag over 2014. Hierin wordt een foutief beeld geschetst van thuiszitters in Utrecht en van de mate waarin het middelbaar onderwijs in Utrecht passend is.

Hieronder citeren we telkens een passage uit het jaarverslag van Sterk VO en geven we onze reactie daarop. 

Aantal thuiszitters

Citaat van Sterk VO: "Een van de belangrijkste indicatoren voor de dekkend- en passendheid van het aanbod is het aantal thuiszitters als gevolg van onvoldoende passend onderwijs. Eind 2014 zijn er ongeveer 40 thuiszitters, waarvan het merendeel een grote ondersteuningsbehoefte heeft als gevolg van complexe problematiek (GGZ, langdurig ziek, psychosociaal/gezinsproblematiek)."

Onze reactie: slechts 40 thuiszitters? Wellicht tellen zij alleen de thuiszitters die op een school staan ingeschreven (de blauwe categorie in de grafiek), en alleen op een peildatum in plaats van het totaal over het hele jaar? De onderwijswereld ziet namelijk niet alle thuiszittende kinderen zonder onderwijs als thuiszitters. Als je de blauwe (ingeschreven) thuiszitters van het hele schooljaar telt, zijn het er alleen al op de middelbare scholen van de gemeente Utrecht 87, terwijl Sterk VO ook verantwoordelijk is voor de gemeente Stichtse Vecht.
Er zijn echter ook nog andere categorieën van thuiszitters: groen (niet ingeschreven op een school) en rood (vrijgesteld van de leerplicht vanwege "niet leerbaar"). De Onderwijsinspectie gebruikt de term thuiszitters in bredere zin in haar Onderwijsverslag 2012/2013 (blz. 33): "Het terugbrengen van het aantal thuiszitters vormt een belangrijke doelstelling van passend onderwijs. Maar niet alle samenwerkingsverbanden hebben zicht op hoe groot de groep thuiszitters is. Het is belangrijk dat samenwerkingsverbanden beter in beeld brengen hoeveel thuiszitters er zijn. Vooral kinderen die op geen enkele school zijn ingeschreven, zijn onvoldoende in beeld."
Op de website Passend Onderwijs van het ministerie wordt ook gezegd dat het terugdringen van thuiszittende leerlingen een belangrijk doel van Passend Onderwijs is, en onder thuiszittende leerlingen worden dan het totaal van de ingeschreven thuiszitters plus de uitgeschreven leerplichtige thuiszitters (absoluut verzuim) verstaan.
Thuiszitters met een vrijstelling 5a hebben echter ook recht op passend onderwijs, vaak hebben zij alleen maar een vrijstelling gekregen omdat er geen dekkend aanbod voor hen is. Het gebeurt nu te makkelijk dat als scholen het lastig vinden om passend onderwijs voor een leerling te organiseren, gestimuleerd wordt dat hij of zij een vrijstelling krijgt waarna het het probleem van de ouders is geworden om onderwijs te organiseren (zonder budget).
De gemeente Utrecht had in het schooljaar 2013/2014 in totaal 364 thuiszitters (cijfers afkomstig van de gemeentelijke afdeling Leerlingzaken), waarvan waarschijnlijk ongeveer de helft op middelbare schoolleeftijd. 

Conclusie: er zijn veel meer thuiszitters in Utrecht dan de middelbare scholen doen voorkomen, doordat zij een veel smallere definitie van thuiszitters hanteren dan wat buitenstaanders verstaan onder thuiszitters. De andere soorten thuiszitters zijn ook indicatoren voor een gebrek aan dekkend- en passendheid van het aanbod.

Eén kind één plan

Citaat van Sterk VO: "Alle [40] leerlingen zijn in beeld en hebben een plan."

Onze reactie: Vinden hun ouders het ook een passend plan, en vinden hun (medische) professionals het ook een passend plan? In de Thuiszitters-uitzending van Zembla kwam duidelijk naar voren dat er samenwerkingsverbanden van scholen zijn die eenzijdig vinden dat het aanbod passend is terwijl het voor buitenstaanders duidelijk is dat het niet passend is. Ook in Utrecht is dit het geval. 
Voor één van de 40 leerlingen die in 2014 thuis zat had Sterk VO als plan dat hij de Fritz Redlschool zou bezoeken, terwijl hij dat al geprobeerd had en vreselijk vond. Op de Fritz Redl (een school voor kinderen die opgenomen zijn in het UMC Utrecht of daar een intensieve behandeling volgen) gebeurde het dagelijks dat een klasgenoot "flipte" en daar kan deze jongen helemaal niet tegen. Hij is juist gesteld op normaal sociaal contact met zijn klasgenoten (ja er zijn ook kinderen met autisme die dat wel waarderen en kunnen!). Bovendien werd hij een groot deel van de tijd aan zijn lot overgelaten en moest hij zelf werkboeken gaan kopiëren en zelfstandig de opdrachten maken zonder begeleiding. Een deskundige van Altrecht bevestigde tegenover Sterk VO dat Fritz Redl absoluut geen geschikte school was voor hem, maar toch bleef dit in het plan van Sterk VO staan en werd het gepresenteerd als passend onderwijs.

Conclusie: de school en het samenwerkingsverband hebben misschien wel een plan voor elk kind met extra ondersteuningsbehoefte, maar dat is lang niet altijd een passend plan volgens ouders en (medische) professionals.

Stabiel laag of sterke stijging?

Citaat van Sterk VO: "Het aantal thuiszitters is door intensieve en effectieve samenwerking tussen de scholen, Leerplicht en Sterk VO stabiel laag."

Onze reactie: het aantal thuiszitters van de blauwe categorie is misschien wel stabiel, maar het aantal thuiszitters van de groene categorie en de rode categorie zijn spectaculair gestegen ten opzichte van het jaar daarvoor.
De feiten van de afdeling Leerlingzaken van de gemeente Utrecht
  • het aantal groene thuiszitters in de grafiek (niet op een school ingeschreven) is in 2013/2014 gestegen met 45% vergeleken met het jaar daarvoor
  • als je bij de groene thuiszitters alleen kijkt naar kinderen wiens laatste inschrijving op een middelbare school was, is de stijging zelfs 180% ten opzichte van het jaar daarvoor
  • het aantal rode thuiszitters in de grafiek (vrijstelling van de leerplicht vanwege "niet leerbaar") is in 2013/2014 gestegen met 70%
  • het aantal blauwe thuiszitters ingeschreven op een middelbare school (de categorie die bedoeld wordt in het jaarverslag van Sterk VO) is gestegen met 9%
  • hierdoor is het het totale aantal thuiszitters in de gemeente Utrecht gestegen met 28%
Conclusie: het aantal thuiszitters in Utrecht stijgt sterk, "slechts" 9% in de blauwe categorie die de middelbare scholen beschouwen als thuiszitters, maar met 180% in de groene categorie die het laatst op een middelbare school zat, en met 70% in de rode categorie (waarbij niet bekend is hoeveel op middelbare schoolleeftijd).

Dekkend aanbod

Citaat van Sterk VO: "Wat willen we bereiken: Sterk VO heeft een dekkend aanbod van tussenvoorzieningen en speciale onderwijsvoorzieningen. [...] 
Hoe meten we onze prestaties? Er zijn geen thuiszitters als gevolg van onvoldoende passend onderwijs, onvoldoende hulptrajecten of knelpunten in het vervoer."

Onze reactie: Het is een foute conclusie om te zeggen dat er een dekkend aanbod van passend onderwijs is als er geen thuiszitters zijn. Als ouders een middelbare school zoeken, en ze zien dat er geen passende school bestaat voor hun kind, kiezen ze de minst slechte uit de bestaande scholen. Dan is hun kind geen thuiszitter maar het is ook geen passende plek. Praktijkvoorbeelden van Utrechtse ouders uit onze achterban:
  • Ouders kiezen voor speciaal onderwijs op havo-niveau op grote afstand van huis terwijl het kind gymnasium-niveau heeft.
  • Ouders kiezen voor duur particulier onderwijs omdat daar wel vwo in een kleine klas wordt aangeboden. 
  • Ouders kiezen voor een regulier vwo waar hun kind dagelijks zwaar overbelast wordt.
Eind 2012 deden 9 Utrechtse kinderen (toen in groep 8) mee aan een Actietafel ASS van Sterk VO. Het is illustratief om te zien waar deze 9 kinderen terecht zijn gekomen. Bij slechts één van hen vinden de ouders het onderwijs passend. Door dit slecht passende onderwijs lopen de kinderen een groot risico op vastlopen, wat een deel van hen ook overkomt/is overkomen. Kinderen uit onze achterban lopen dan psychische schade op, worden tijdelijk (verborgen) thuiszitter of klinisch opgenomen, en gaan daarna vaak alsnog naar een speciale school die onvoldoende passend is.
Onze stichting heeft niet voor niets meer dan 200 aanmeldingen van ouders uit de regio (waarvan ongeveer de helft uit de gemeente Utrecht) die een beter passende havo/vwo zoeken voor hun kind met autisme. De meeste ouders willen het liefste dat hun kind naar een reguliere school kan, ook als hun kind een reguliere klas niet aankan (dan het liefst een kleine integratieklas in hetzelfde gebouw en met dezelfde docenten als de reguliere leerlingen). Een dergelijke integratieklas wordt op geen enkele Utrechtse havo/vwo-school aangeboden.

Conclusie: Het is niet genoeg om alleen naar de thuiszitters kijken om te bepalen of er een dekkend aanbod is. Er is op dit moment geen dekkend aanbod voor kinderen met autisme en havo/vwo-niveau. Uitbreiding met bijvoorbeeld kleine integratieklassen in reguliere havo/vwo-scholengemeenschappen zou de kans op thuiszitters wel significant kunnen verkleinen.

Onvoldoende passend onderwijs

Citaat van Sterk VO: "De thuiszittersaanpak leidt tot goede resultaten, er zijn geen thuiszitters als gevolg van onvoldoende passend onderwijs. De thuiszitters die er eind 2014 zijn, hebben alle een zeer complexe situatie en/of ondersteuningsbehoefte, waarbij het primaat van de aanpak niet bij het onderwijs ligt en eerst hulpverlening moet worden ingezet om daarna te bezien of schoolgang weer kan worden bevorderd."

Onze reactie: de grote stijging van thuiszitters in de groene en rode categorie wijst er wel degelijk op dat er onvoldoende passend onderwijs is in Utrecht. Het zou de scholen sieren als zij hen ook tot hun verantwoordelijkheid zouden rekenen. Er is misschien een kleine groep kinderen voor wie onderwijs niet wenselijk is vanwege complexe problematiek, maar het kan niet zo zijn dat dit aantal kinderen ineens zo gestegen is. Dit wijst er meer op dat scholen steeds sterker erin slagen om voor hen onaantrekkelijke leerlingen te weren. Dit wordt goed geïllustreerd door de Thuiszitters-uitzending van Zembla
Bovendien als leerling vastloopt op school met gedragsproblemen is dat altijd in de context van school, de hulpverlening moet dan ook juist op school plaatsvinden, Je kunt dat niet oplossen door buiten school hulpverlening te bieden en daarna weer naar school te gaan. Het is belangrijk dat het kind er bij blijft horen en door blijft leren, ook bij een diagnostisch traject.
Uit de verhalen die Utrechtse ouders naar onze stichting sturen, herkennen wij dat dit ook in Utrecht speelt. Van een van de thuiszitters zei Sterk VO dat hij een zodanig complexe psychische problematiek had dat het niet aan hun onderwijsaanbod lag dat het niet lukte op de school waar hij ingeschreven was. De ouders kregen een telefoontje van een jeugdarts dat er een verzoek tot vrijstelling van de leerplicht lag, en of het goed was als die jeugdarts dat zou accorderen. De ouders hadden zelf helemaal geen vrijstelling aangevraagd terwijl formeel alleen ouders zo'n aanvraag kunnen doen! Ze weigerden, omdat ze wisten dat anders Sterk VO helemaal niet meer verantwoordelijk zou zijn voor hun zoon.
Echter door de volhardende inzet van de ouders, die uiteindelijk zelf de juiste deskundige schoolbegeleider voor hun zoon wisten te vinden en moeite moesten doen om die door Sterk VO geaccepteerd te krijgen, gaat hij nu succesvol naar een reguliere school (met begeleiding op maat), zonder dat er hulpverlening buiten school heeft plaatsgevonden.

Conclusie: het grote en stijgende aantal thuiszitters duidt op onvoldoende passend onderwijs in Utrecht. Scholen zouden meer moeten doen om ook andere categorieën van thuiszitters een passende plek te bieden, en de plek moet pas als passend gezien worden als ouders en (medische) professionals rond het kind het ook passend vinden.
Bovendien moeten de problemen in de context van school opgelost worden, anders heeft hulpverlening weinig zin.

Passende plek voor iedere leerling

Citaat van Sterk VO: "De inspectie van het onderwijs heeft drie kwaliteitsaspecten geformuleerd voor passend onderwijs die Sterk VO ook als uitgangspunt gebruikt:
1. resultaten: een passende plek voor iedere leerling door een samenhangend geheel van ondersteuningsvoorzieningen (analyse van het aantal voortijdig schoolverlaters en thuiszitters, zicht op leerlingen die tussen wal en schip vallen, doorstroomgegevens, resultaten samenwerking jeugdzorg).
2. management en organisatie: een duidelijke missie en doelstellingen [...]
3. kwaliteitszorg: zorg voor kwaliteit door systematische zelfevaluatie [...]"

Onze reactie: De in dit hoofdstuk beschreven resultaten voor 2014 ten aanzien van de 3 kwaliteitsaspecten gaan uitgebreid in op de manieren waarop Sterk VO aan monitoring en evaluatie doet, maar er wordt niets gezegd over de uitkomsten van die evaluaties, laat staan over de mate waarin een passende plek voor iedere leerling geboden wordt.
Wat wij graag zouden willen zien, is openbaarheid over de daadwerkelijke resultaten van passend onderwijs bij Sterk VO. Dan wordt hopelijk zichtbaar dat er te veel Utrechtse leerlingen zijn die geen passende plek hebben, met name kinderen met autisme en cognitief talent.

Conclusie: Sterk VO geeft aan dat hun uitgangspunt een passende plek voor iedere leerling is, maar heeft onvoldoende zicht op het grote aantal Utrechtse leerlingen met autisme en cognitief talent die dat niet hebben.

Gemeente Utrecht aan zet

Er zijn honderden kinderen in Utrecht die geen onderwijs krijgen (364 thuiszitters), of die wel onderwijs krijgen maar waarbij dat onderwijs volgens ouders en (medische) professionals niet passend is. Deze kinderen kunnen zich niet ontwikkelen tot volwaardige deelnemers van de participatiemaatschappij, kunnen hun talenten niet optimaal benutten. Als scholen in de gemeente onvoldoende passend onderwijs bieden, dan krijgt de gemeente hier in de komende jaren de rekening van gepresenteerd, in de vorm van uitkeringen, zorgkosten, en verminderde economische deelname van de ouders wat ook weer tot uitkeringen leidt.

De gemeente is sinds 1 januari 2015 verantwoordelijk voor de Jeugdwet, waarmee ze (mede)verantwoordelijk is voor zorg/begeleiding op school en een vorm van zorgplicht heeft voor thuiszitters. Als middelbare scholen in Utrecht tekort schieten op het gebied van passend onderwijs, waardoor de gemeente meer kwijt is aan zorg en begeleiding van thuiszitters en andere kinderen die onvoldoende passend onderwijs krijgen, is het aan de gemeente om de scholen daarvoor ter verantwoording te roepen en actie te ondernemen.


Het wordt tijd dat de gemeente Utrecht zich hierin actiever opstelt dan tot nu toe is gedaan! Bij de stadstafels Onderwijs van de gemeente Utrecht was één van de hoogst scorende uitkomsten "Concrete aanpak om kinderen die thuis zitten op school te krijgen". We hebben nog niet gezien dat hier vervolg aan is gegeven.

Het is van belang om het kind- en ouderperspectief te vergroten, zeker als een kind maatwerk nodig heeft omdat het anders thuiszit zonder passend onderwijs. Elk kind telt. Het versterken van kind- en ouderparticipatie in het onderwijs vraagt om een heldere positionering in een stad. 

We hebben een voorbeeld in de stad Amsterdam: OCO (Onderwijs Consumenten Organisatie), die het cliëntenperspectief in het (passend) onderwijs versterkt door voortdurend het perspectief van de leerling en zijn ouders te benadrukken en hen te voorzien van onafhankelijke informatie en advies. Zo maken ze een eigen schoolgids van alle scholen in Amsterdam zodat gezinnen zich goed kunnen oriënteren, en proberen ze ouderraden van scholen te informeren en te versterken. OCO wordt gefinancierd door de gemeente en is tot stand gekomen door de gemeenteraad en een actieve D66-wethouder voor onderwijs. Gemeente Amsterdam voelt zich medeverantwoordelijk voor de kwaliteit van scholen en zal niet nalaten om binnen haar bevoegdheden eigen initiatieven te nemen om die kwaliteit te verbeteren. Zo weten we dat toenmalig wethouder Lodewijk Asscher zijn eigen beleidsambtenaren onderwijs naar scholen stuurden om concrete bijdragen te leveren aan kwaliteitsverbetering. De huidige Amsterdamse wethouder onderwijs is bezig om burgers te betrekken in een traject voor 3 nieuwe scholen en zo het onderwijsaanbod uit te breiden (www.onzenieuweschool.nl).

Helaas is onze Utrechtse D66-wethouder Onderwijs niet zo actief en lijkt eerder volgend op de grote Utrechtse schoolbesturen Willibrord en Nuovo, die niet kiezen voor inclusief passend onderwijs maar het medische model en leerlingen die niet passen op een reguliere school “doorschakelen” naar een OPDC, GGZ-instelling of VSO. De gemeente Utrecht heeft deze schoolbesturen ook mee laten praten over hoe de gemeentelijke onderwijssubsidies besteed moeten worden. Daarom is het nog meer noodzakelijk voor kwalitatief goed onderwijs in Utrecht dat er voldoende checks and balances komen tegenover de schoolbesturen en de wethouder onderwijs.